Thebe logo

Cookies op Thebe.nl

Thebe is wettelijk verplicht om u toestemming te vragen voor het gebruik van cookies en soortgelijke technieken, en u te informeren over het gebruik daarvan op de site.

Thebe.nl gebruikt cookies, JavaScript en soortgelijke technieken voor de volgende doeleinden:

  • het optimaliseren van de website;
  • de integratie van sociale media;
  • het verzamelen en analyseren van statistieken.

Voor een aantal van bovenstaande punten is het vastleggen van bezoekersgedrag noodzakelijk. Ook derde partijen kunnen cookies plaatsen via Thebe.nl en internetgedrag volgen, zoals bijvoorbeeld het geval is bij embedded video's van YouTube.

Lees meer op onze cookiepagina.

 

Doorgaan zonder cookies Cookies accepteren

Met wijkverpleegkundige Marlies kan het echtpaar Van der Bruggen ‘ lezen en schrijven’, als het gaat om de zorg voor hun (schoon)zus. Sinds Lies vorig jaar de eerste tekenen van dementie vertoonde, gaat ze snel achteruit. ‘Als wij er niet komen, ziet ze op een dag niemand. Helemaal niemand. Twee keer per dag de wijkverpleging, dat wel. En die zorgen goed voor haar. Maar verder zit ze maar naar buiten te turen. Urenlang. Daar gaan we samen proberen verandering in te brengen.’

Wim (81) en Tiny (69) van der Bruggen willen er zo veel en zo vaak mogelijk zijn voor Wims oudere zus. Maar dat valt niet mee, want de 91-jarige Lies woont helemaal aan de andere kant van Tilburg. ‘Als dan ’s avonds om negen uur haar buren bellen omdat ze een brand lucht ruiken, duurt het toch nog een half uurtje voordat we er zijn. En dan maak je je zorgen’. Vandaar dat het echtpaar Van der Bruggen voor Lies een plekje hoopt te vinden in een verpleeghuis in de buurt. Nu woont Lies nog op zichzelf, in de flat waar ze eigenlijk nooit buiten komt. Al jarenlang weduwe en kinderloos, zijn haar twee broers de enige familie die ze nog heeft. 

Dus zijn Wim en Tiny sinds ruim een jaar mantelzorgers. ‘We doen het omdat het nodig is. Er is niemand anders. Het begon met een telefoontje dat ze geen geld meer kon halen. Toen bleekdat dit al vaker speelde, omdat ze de pincode niet meer kon onthouden. Wim is financieel gemachtigde geworden en is alles over gaan nemen. Ze deed de verkeerde boodschappen en ging de dagen vergeten. En zo is het steeds, erger geworden. Vooral de laatste tijd gaat het heel hard. Ze ziet overleden familieleden in haar kamer, ze weet niet meer hoe de telefoon werkt, krijgt de tv niet aan en dus doet ze niks meer. Hele dagen de krant lezen, want als ze op het einde van een regel is weet ze niet meer wat ze heeft gelezen dus begint ze weer van voor af aan’, vertelt Tiny. 

Wim en Tiny

Na een signaal van de huisarts stapte op een middag wijkverpleegkundige Marlies Lutke binnen met de vraag of het goed was als de wijkverpleging een keer in de week langskwam om Lies te douchen. Daarna ging de wijkver pleging de medicijnen van mevrouw in beheer nemen en intussen komt er twee keer per dag iemand langs. De samenwerking tussen mantelzorgers en het buurtteam is perfect, aldus Wim en Tiny. Tiny: ‘Alles wordt in het dossier vastgelegd, we krijgen alle info door. Ze bellen ons als er iets is. Laatst weigerde ze haar medicijnen. Dan gaat Wim met haar praten. Je hebt toch gezegd dat je honderd wil worden? Dan moet je wel je medicijnen nemen. En dan luistert ze ook.’ ‘Gelukkig maar’, zegt Wim, want ik ga daar geen ruzie zitten maken. Dat doe ik gewoon niet, met een vrouwke van 91’. 

Het is belangrijk dat de familie van iemand met dementie op één lijn zit als het gaat om de zorg, weet Marlies Lutke uit ervaring. ‘Alles rondom dementie is complex, en bij de eerste signalen moet je al gaan na denken hoe zaken geregeld moeten worden. Want als dat niet gebeurt, kun je in de meest extreme situaties terechtkomen. Je moet dus als mantelzorgers dingen samen bespreken. Soms regel ik dat, met een familiegesprek op een neutrale locatie. Je hoeft het als familie niet in alles met elkaar eens te zijn, als je maar dezelfde visie deelt. Bij zo’n gesprek kan niet altijd de klant aanwezig zijn. Voor iemand met beginnende dementie is dat te confronterend, die wil dat niet horen.’ 

Marlies

Dat merken Tiny en Wim van der Bruggen ook. ‘Als we met Lies praten over haar situatie zit er voor ons een rem op. Als ze tegenover je zit, is het heel moeilijk om te zeggen hoe het echt met haar gaat. Volgens haar kan ze alles nog, en dat is gewoon niet zo.’ 

Wim en Tiny overleggen beslissingen over Lies niet alleen met de professionele hulpverleners, maar ook met Wims broer. Omdat die een zieke echtgenote heeft, kan hij niet meedoen in de dagelijkse zorg maar hij is op afstand wel betrokken. ‘Soms moeten wij hem bijpraten. Hij had bijvoorbeeld niet in de gaten dat het zo erg met Lies gesteld is dat het te gevaarlijk is om alleen te wonen. Gewoon omdat hij er niet zo vaak komt als wij. Maar nu we het hebben uitgelegd is hij het 200 procent met ons eens.’